Tram en Autobus Tijdens de Bezettingsjaren in Rotterdam 40-45

€ 25,00

Hardcover met lichte gebruikssporen, algeheel in zeer goede, gave staat, zonder inschrijvingen.

  • Auteur: F.J. van Zonneveld.
  • Uitgever: Repro Holland
  • Vertaald door: n.v.t.
  • Nederlands
  • Hardcover
  • 9789064712814
  • 01 januari 1995
  • 226 pagina's

Het boek "Rotterdam 1940-1945: Tram- en autobus tijdens de bezettingsjaren" door F.J. van Zonneveld (uitgegeven in 1995 door Repro-Holland) beschrijft gedetailleerd hoe het Rotterdamse openbaar vervoer (RET) functioneerde onder Duitse druk. Het werk behandelt de exploitatieproblemen, de interactie met de bezetter en de impact op het dagelijks leven. 

Belangrijkste Gebeurtenissen

  • Het Bombardement (mei 1940): Het trambedrijf leed direct zware fysieke schade. Bovenleidingen, sporen en delen van het wagenpark in de binnenstad werden volledig vernietigd.
  • Stakingen: Net als het spoorwegpersoneel kreeg ook het trampersoneel te maken met de dilemma's van passief verzet en de effecten van de algemene april-meistakingen (1943) en de spoorwegstaking (1944).
  • De Razzia van Rotterdam (november 1944): Grote delen van het trampersoneel doken onder of werden weggevoerd, wat de exploitatie lamlegde.
  • De Hongerwinter (1944-1945): Door het complete gebrek aan elektriciteit en brandstof reed er in de laatste oorlogsmaanden helemaal geen tram of bus meer. 

Vordering (Inbeslagname)

  • Autobussen: Vrijwel direct vanaf het begin van de bezetting vorderde het Duitse leger (de Wehrmacht) de moderne autobussen van de RET voor eigen troepentransport.
  • Vordering van materialen: Koperen bovenleidingen, rails en cruciale metalen onderdelen uit de remises werden gedurende de oorlogsjaren gedemonteerd en naar Duitsland getransporteerd voor de oorlogsindustrie.
  • Trammaterieel: In de latere oorlogsjaren eiste de bezetter ook Rotterdamse tramrijtuigen op om te worden ingezet in door bombardementen getroffen Duitse steden.

Controle door de Bezetter

  • Duitse Verwalter: De RET werd onder direct toezicht gesteld van de bezettingsautoriteiten, die de bedrijfsvoering controleerden.
  • Arbeidseisen: Personeel werd scherp gecontroleerd om sabotage te voorkomen en werd verplicht door te werken onder dreiging van de Arbeitseinsatz.
  • Sperrtijd-controles: Conducteurs en controleurs moesten strikt toezien op identiteitsbewijzen en speciale vergunningen (Ausweise) van reizigers die tijdens de avondklok (sperrtijd) reisden.
  • Anti-Joodse maatregelen: De Duitse controle zorgde voor de handhaving van verbodsbepalingen, waardoor Joodse Rotterdammers vanaf 1941/1942 niet meer van het openbaar vervoer gebruik mochten maken. 

Dienstregeling en Exploitatie

  • Brandstof- en stroomtekorten: Door schaarste aan benzine en diesel werden buslijnen al vroeg in de oorlog nagenoeg volledig gestaakt, of omgebouwd tot houtgasgeneratortrajecten.
  • Inperking van ritten: De tramdienstregeling werd continu ingekrompen. Eerst vervielen de avondritten vanwege de verduisteringsvoorschriften en de sperrtijd, later reed de tram alleen nog tijdens de spitsuren voor essentieel woon-werkverkeer.
  • Overbezetting: Omdat andere vervoersmiddelen (zoals auto's en fietsen) door vorderingen en het gebrek aan banden verdwenen, puilden de weinige trams die nog reden extreem uit.
  • Volledige stillegging: In de herfst van 1944 stortte de stroomvoorziening in Rotterdam volledig in. De reguliere dienstregeling hield definitief op te bestaan tot aan de bevrijding in mei 1945